Wintertijd en kinderen: zo help je jouw kind wennen aan de nieuwe tijd
In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober 2026 gaat de wintertijd in. Om 03.00 uur zetten we de klok één uur terug naar 02.00 uur. Dat betekent een uurtje langer slapen voor volwassenen, maar voor jonge kinderen kan deze overgang soms best even wennen zijn.
Misschien wordt jouw kindje ineens vroeger wakker, is het lastiger om overdag in slaap te vallen of merk je dat het normale slaapritme tijdelijk wat verschuift. Gelukkig hoef je je daar niet direct zorgen over te maken. De meeste kinderen wennen binnen enkele dagen aan de nieuwe tijd.
In deze blog leg ik uit wat de wintertijd voor het slaapritme van je kind kan betekenen, hoe je de overgang kunt aanpakken en wanneer een geleidelijke aanpak een goede keuze kan zijn.
Waarom heeft de wintertijd invloed op het slaapritme van je kind?
Kinderen slapen niet simpelweg omdat de klok aangeeft dat het bedtijd is. Hun slaap wordt onder andere beïnvloed door hun biologische klok, de hoeveelheid opgebouwde slaapdruk en hun dagelijkse ritme.
Vooral baby's en jonge kinderen kunnen gevoelig zijn voor veranderingen in hun slaap- en waaktijden. Wanneer de klok een uur teruggaat, sluiten de gebruikelijke bedtijd, dutjes en wektijd niet meer automatisch aan op het biologische ritme van je kind.
Stel dat jouw kindje normaal gesproken om 19.00 uur naar bed gaat. Na het terugzetten van de klok kan het lichaam die bedtijd aanvankelijk ervaren als 18.00 uur. Andersom kan je kind 's ochtends eerder wakker worden volgens de nieuwe kloktijd, omdat de biologische klok nog niet helemaal is aangepast.
Hoe jouw kind reageert, verschilt per kind. Sommige kinderen passen zich vrijwel vanzelf aan, terwijl andere kinderen wat meer tijd nodig hebben.
Welke aanpak past bij jouw kind?
Er zijn twee manieren om de overgang naar de wintertijd aan te pakken:
- De directe aanpak: je houdt vanaf zondag 25 oktober de nieuwe kloktijden aan.
- De geleidelijke aanpak: je verschuift de bedtijd, dutjes, maaltijden en activiteiten in de dagen voorafgaand aan de wintertijd stap voor stap.
Welke aanpak het beste past, hangt af van jouw kind en jullie huidige ritme.
Wordt jouw kind doorgaans gemakkelijk wakker, valt het zonder veel moeite in slaap en verloopt het dagschema redelijk soepel? Dan kun je meestal direct overstappen op de nieuwe tijd.
Heeft jouw kind al moeite met slapen, is het gevoelig voor veranderingen of raakt het snel oververmoeid wanneer het ritme verschuift? Dan kan de geleidelijke aanpak prettig zijn.
Je hoeft het slaapritme dus niet per se aan te passen. Kijk vooral naar wat jouw kind nodig heeft.
De geleidelijke aanpak: zo pak je het stap voor stap aan
Wil je jouw kind rustig laten wennen aan de wintertijd? Dan kun je de dagen voorafgaand aan het verzetten van de klok gebruiken om het dagelijkse ritme geleidelijk te verschuiven.
Het uitgangspunt is dat je niet alleen de bedtijd aanpast, maar ook de dutjes, maaltijden en activiteiten. Zo verschuift de dag als geheel mee.
Maandag 19 en dinsdag 20 oktober: 15 minuten later
Begin op maandag en dinsdag met een kleine verschuiving van 15 minuten.
- Breng je kind 15 minuten later naar bed dan gebruikelijk.
- Verschuif de dutjes overdag met ongeveer 15 minuten.
- Pas waar mogelijk ook de eetmomenten en activiteiten aan.
Is jouw kindje gewend om om 19.00 uur naar bed te gaan? Dan wordt dat bijvoorbeeld 19.15 uur.
Woensdag 21 en donderdag 22 oktober: 30 minuten later
Op woensdag en donderdag verschuif je het ritme naar ongeveer 30 minuten later dan normaal.
Pas opnieuw de bedtijd, dutjes en dagelijkse activiteiten aan. Probeer daarbij te voorkomen dat je kind door de verschuiving te weinig slaap krijgt of oververmoeid raakt.
Blijf daarom goed kijken naar de slaapsignalen van je kind. Lukt het niet om de nieuwe tijden aan te houden, dan hoef je niet koste wat kost door te zetten.
Vrijdag 23 en zaterdag 24 oktober: 45 minuten later
Op vrijdag en zaterdag verschuif je het ritme naar ongeveer 45 minuten later dan het oorspronkelijke schema.
Ook nu geldt dat je de dutjes, maaltijden en bedtijd zo veel mogelijk op elkaar afstemt.
Let er wel op dat je kind voldoende slaap blijft krijgen. Vooral bij baby's en jonge kinderen kan een te lange wakkertijd juist zorgen voor meer onrust en moeilijker inslapen.
Zondag 25 oktober: de nieuwe tijd
In de nacht van zaterdag op zondag gaat de klok één uur terug.
Vanaf zondag houd je de nieuwe kloktijd aan. Het aangepaste ritme ligt nu dichter bij de nieuwe tijd, waardoor de overgang voor sommige kinderen gemakkelijker kan verlopen.
Het is niet erg als jouw kind nog even nodig heeft om volledig te wennen. Het schema is een hulpmiddel. Je mag de aanpak aanpassen aan de slaapbehoefte en reacties van jouw kind.
Waarom helpt daglicht in de ochtend?
Daglicht speelt een belangrijke rol bij het regelen van onze biologische klok. Daarom is het verstandig om na het opstaan de gordijnen te openen en, als dat uitkomt, even naar buiten te gaan.
Ochtendlicht helpt het lichaam om zich aan het nieuwe dagritme aan te passen. Combineer dit met vaste momenten voor eten, spelen, dutjes en naar bed gaan.
Probeer overdag voldoende licht en activiteit aan te bieden en in de avond juist een rustige sfeer te creëren. Dim bijvoorbeeld de verlichting tijdens het avondritueel en vermijd drukke activiteiten vlak voor bedtijd.
Zo help je het lichaam van je kind geleidelijk herkennen wanneer het tijd is om wakker te zijn en wanneer het tijd is om te slapen.
Wat als je kind toch vroeger wakker wordt?
Het kan gebeuren dat je kind ondanks alle voorbereidingen eerder wakker wordt of 's avonds meer moeite heeft met inslapen.
Dat betekent niet direct dat je iets verkeerd doet. De biologische klok heeft soms wat tijd nodig om zich aan te passen.
Wat kun je doen?
1. Houd de nieuwe kloktijd aan. Probeer niet direct het hele schema opnieuw te veranderen wanneer je kind een keer vroeg wakker wordt.
2. Zorg voor voldoende daglicht. Open de gordijnen na het opstaan en ga bij voorkeur even naar buiten.
3. Kijk naar de slaapbehoefte. Voorkom dat je kind oververmoeid raakt door dutjes onnodig in te korten of wakkertijden te lang te maken.
4. Geef je kind de tijd. Veel kinderen wennen binnen enkele dagen. Bij andere kinderen duurt het wat langer.
5. Blijf flexibel. Als je merkt dat de gekozen aanpak niet goed aansluit bij jouw kind, mag je deze aanpassen.
Wanneer kies je beter voor de directe aanpak?
Niet ieder kind heeft baat bij een uitgebreide voorbereiding. Sommige kinderen passen zich gemakkelijker aan wanneer je vanaf zondag direct het nieuwe ritme volgt.
Kies bijvoorbeeld voor de directe aanpak wanneer je kind doorgaans soepel omgaat met veranderingen en het huidige slaapritme goed verloopt.
Je kunt op zondag de normale kloktijden aanhouden voor het opstaan, de dutjes en de bedtijd. Houd daarbij rekening met de slaapbehoefte van je kind en blijf letten op vermoeidheidssignalen.
Verwacht niet dat iedere verandering meteen zichtbaar is. Ook bij de directe aanpak kan het enkele dagen duren voordat het ritme weer helemaal aansluit.